Akke en Bennie: "ADHD"

23 Sep 2015

 

Wat oudere mensen doen met hun tijd is een onderwerp dat misschien niet veel mensen bezighoudt. De term “achter de geraniums zitten” is een veel gebezigde uitspraak die vaak op ouderen wordt toegepast. Nou, achter de geraniums zitten doen Akke en Bennie beslist niet! Ten eerste hébben ze geen geraniums, dus zou het sowieso al moeilijk worden om erachter te gaan zitten, en ten tweede hebben ze helemaal geen tijd om achter de geraniums te gaan zitten, zóuden ze die al hebben. Want, zoals Bennie over zichzelf zegt: “Ik heb ADHD: Alle Dagen Heel Druk!”

 

Bennie is ‘huisman’. Hij  zorgt ervoor dat er elke dag koffie en thee wordt gezet en ingeschonken, de tafel wordt gedekt, de boodschappen worden gedaan, enzovoort. Akke lijdt al sinds lange tijd aan Neuropathie, een ziekte die ervoor zorgt dat één of meer zenuwen niet goed functioneren. Zij kan daardoor niet goed lopen en verplaatst zich in huis met behulp van een rollator. Aangezien Bennie nog goed ter been is komen de meeste alledaagse huishoudelijke handelingen op hem neer. Maar hij doet het met liefde.

 

Akke en Bennie vinden het belangrijk om bezig te zijn. Zij lezen dagelijks de Leeuwarder Courant, lezen boeken en tijdschriften, bewaren alle artikelen die hen om wat voor reden dan ook aanspreken en stoppen ze in mapjes of plakboeken, bellen met vrienden, bekenden en familieleden om ze te vragen hoe het met ze gaat, zijn geïnteresseerd in en hartelijk naar iedereen die op hun pad komt, kijken elke avond naar het NOS journaal en doen mee met tv-spelletjes zoals “De slimste mens”. Dit allemaal om met de tijd mee te kunnen gaan en bij te blijven.

 

Naar “De slimste mens” kijken ze om hun geheugen te trainen. Met het ouder worden merken ze dat ze toch steeds vaker dingetjes vergeten. “Onze hersenen zitten vol”, zegt Bennie en daarom trainen ze hun grijze massa om toch zoveel mogelijk te kunnen blijven onthouden. Om die reden puzzelt Akke ook veel. Zo dwingt ze zichzelf tot nadenken en vermaakt ze zich ondertussen met woord- en cijferspelletjes.

 

En Akke schrijft gedichten. Dat doet ze al heel lang. Naast haar stoel ligt altijd een notitieblok met een pen. Zodra zij een ingeving krijgt, krabbelt ze dat meteen op. Een van de eerste keren dat ik bij ze op bezoek was kreeg ik al een staaltje van Akke’s dichtkunst te horen. Ze vertelden dat ze naar de afscheidsreceptie van hun huisarts zouden gaan, en voor die gelegenheid had Akke een gedicht geschreven. Zelf was ze zeer tevreden over de openingszin van dit gedicht, en ze vroeg mij of ik het wilde horen. Dat wilde ik wel, dus pakte Akke het papier op, legde het op haar schoot en las voor:

 

“Het hele leven is een fusie, tussen waarheid en illusie!”

 

Verwachtingsvol keek ze naar mij op. Ik zei dat ik het een prachtige zin vond, waarop Akke reageerde met: “Ja ik weet ook niet hoe ik erop kwam. Het kwam zómaar ineens bij me op.” De rest van het gedicht wilde Akke nog niet aan mij voorlezen. Het was voor hun huisarts geschreven en Akke vond dat hij het als eerste moest horen. Dus stopte ze het weer weg en beloofde me het de volgende keer in z’n geheel voor te lezen. Dat heeft ze ook gedaan. 

 

Afgelopen voorjaar had ik het druk met het opstarten van mijn bedrijf en kwam het er een poosje niet van om Akke en Bennie te bezoeken. Toen mijn vriend Floris en ik een weekje gingen zeilen stuurde ik ze een kaartje uit Stavoren met de belofte dat ik gauw weer langs zou komen. Een week na onze vakantie voegde ik de daad bij het woord en ging naar ze toe. Ik zat nog maar net op de bank of Akke reikte met haar hand naar het kastje naast haar stoel, pakte haar blocnote, keek mij aan en zei dat ze een gedichtje voor mij had geschreven. Ze las voor:

 

Nu ben jij in Friesland aan ’t zeilen

En hoef jij thuis niet te gaan dweilen

Maar ben je weer terug

Kom dan weer eens vlug

Om een poosje bij ons te verwijlen

 

“Ik weet helemaal niet of jij thuis wel eens dweilt,” zei Akke, “maar dat maakt niet uit, het moest rijmen en het gaat om het idee”. Ik voelde me vereerd dat Akke speciaal voor mij een gedichtje had geschreven en uitte mijn dank en waardering.  

 

Akke vertelde dat ze de laatste tijd steeds “hoe heet het ook nog maar weer, ik kom niet op het woord, oh ja ‘limericks’” schrijft. Bladerend door haar blocnote las ze me enkele voor, en de eerste ging over Akke en Bennie zelf:

 

Een echtpaar in Camminghaburen

Zit steeds uit het venster te turen

Ze zijn al heel oud

En ook wel eens stout

Ja die straat heeft héél wat te verduren!

 

Ze neemt in deze limerick hun eigen leven op de hak, want “steeds uit het venster turen” is niet bepaald een activiteit waarmee zij hun dagen slijten.

Ook de overburen van Akke en Bennie werden met een gedichtje vereerd tijdens hun huwelijksjubileum:

 

Toen Rein met zijn Lucy ging trouwen

Zei hij: “’t zal jou nooit berouwen;

Ik blijf jou steeds trouw

Dat beloof ik aan jou”

Nu horen ze haast bij de ouwen!!

 

Elke activiteit in het leven en de naaste omgeving van Akke is aanleiding voor haar om erover te schrijven. En is er eens een rustige periode waarin niet zoveel te beleven valt, dan zorgt Akke’s rijke fantasie wel voor de nodige inspiratie:

 

Een meisje liep eens op de Wallen

Toen ze plotseling werd overvallen

Nu zit ze voor ’t raam

En zucht: “Oh, ik schaam

me toch zo voor die vrees’lijke kwallen!”

 

Of:

 

Een boer met ontzettend veel sproeten

Wist niet wat hij hiermee zou moeten

Hij schaamde zich dood

En verfde ze rood

En maakte zich snel uit de voeten

 

Afhankelijk van haar stemming schrijft Akke, naast deze luchtige en lichtvoetige rijmpjes en gedichten voor bijzondere gelegenheden, soms ook gedichten van wat meer filosofische aard:

 

Een huwelijk van een cavia met een vis

Dat is het mooiste wat er is

Het visje in die grote plas

Doet daarin de grote was

En de cavia, nooit getreurd,

Maakt op haar beurt

Haar holletje aan kant,

Want;

Zo willen zij, dat is hun streven

“in schoonheid samen leven”.

Dus is het mooiste wat er is

Een huwelijk van een cavia met een vis!

 

Onlangs zijn Akke en Bennie voor de derde keer ‘overgrootouders’ geworden toen na twee achterkleindochters hun eerste achterkleinzoon werd geboren. Voor Akke was dat natuurlijk een gelegenheid bij uitstek om pen en blocnote weer ter hand te nemen en te gaan rijmen. Het volgende gedichtje heeft zij voor haar achterkleinzoon geschreven:

 

Kleine vent

Fijn, dat je er bent.

Een loot aan Zaanse en Friese stam

Sinds jij in ons aller leven kwam

Allemaal héél erg blij

Met jou erbij

 

“Ik kan er niets aan doen. Het gaat gewoon vanzelf. Het is een gave”, zegt Akke over haar hobby; het schrijven van gedichten. Bennie bevestigt het en zegt: “Ja, dat is echt haar ding! Ik kan het niet!” En iedere keer wanneer Akke een van haar gedichtjes voorleest luistert Bennie liefdevol en knikt daarbij trots met zijn hoofd, alsof hij zeggen wil: “wat heeft ze dat toch weer knap gedaan!”

 

En zo zijn Akke en Bennie steeds bezig, elke dag, met hun hobby’s, dagelijkse beslommeringen, kranten, buren, kennissen en familieleden. “Het houdt ons van de straat”, zegt Bennie erover. En het zorgt ervoor dat ze A D H D hebben

Please reload

Recente berichten

March 12, 2016

Please reload

Archief
Please reload

Zoek op trefwoorden
Please reload

Lambeek tekst & vorm | Sylvia Lambeek | Groningen | 06 - 235 172 87

Bijgewerkt op 3 oktober 2019