Zomaar een bezoekje...

19 Oct 2015

 

Met 3 puntjes zelfgebakken Japanse cheesecake in de hand bel ik aan. Terwijl ik sta te wachten tot Bennie open doet – toen ik kwam aanlopen had ik hem al zien zitten aan het bureau achter zijn laptop – zie ik de piepkleine, op de deurpost geplakte sticker met de woorden “de koffie staat klaar!”

   Akke is nog boven als Bennie mij binnenlaat. Ze zat in bed een kruiswoordpuzzel op te lossen waar ze maar niet uit kwam, legt ze uit als ze beneden is. Ze pijnigde haar hersen over de laatste 3 woorden die nog ingevuld moesten worden. Het foutief ingevulde ‘veelal’ bleek ‘heelal’ te moeten zijn en toen ze dat zag was de puzzel snel opgelost. “Ik vind het zó leuk om te puzzelen”, zegt Akke, wijzend naar het kleine stapeltje puzzelboekjes voor haar op de tafel. Als ik haar vertel dat ik alleen kleine kruiswoordpuzzels in kranten en tijdschriften leuk vind om te doen, omdat ik in die puzzelboekjes altijd achterin naar de oplossingen kijk, zegt Akke dat ze dat nooit doet. Als ik daarop zeg dat ik dat wel gedisciplineerd vind van haar, reageert ze met: “ach joh, ik ben ook zo’n supervrouw…”

   Dit soort grapjes zijn aan de orde van de dag bij Akke en Bennie. Altijd gaan ze gepaard met een brede glimlach en een dikke knipoog en vaak wordt er voor alle zekerheid toch ook nog maar even bij gezegd: “Dat is natuurlijk maar gekkigheid, dat snap je wel toch?”

   Even terug naar de binnenkomst: nadat Bennie naar boven heeft geroepen dat er bezoek is staan we samen voor het raam. Bennie vertelt over de overburen die nu op vakantie zijn en 2 jonge poezen hebben. Hij wist niet precies hoe ze het geregeld hadden met de oppas voor de poezen, maar in elk geval zorgen de andere overburen van Akke en Bennie, dus de buren van de overburen die op vakantie zijn, en hun volwassen kinderen ook voor de poezen. Maar ja, die kinderen waren nu ook een paar dagen samen met de Thalys naar Parijs en hadden hun auto bij de ouders van een vriend bij Amsterdam staan, dus nou komen ze vandaag weer terug met de Thalys in Amsterdam en dan halen ze die auto op en dan rijden ze weer hier naartoe, vertelt Bennie, die altijd alles van de buurt weet.

   “En nu laten ze die poezen ook wel eens buiten,” zegt Bennie, “en toen gingen eergisteren de overburen aan de wandel en die poezen er achteraan en toen moesten die poezen ’s avonds eten hebben en toen waren ze natuurlijk nergens te vinden! Dus toen heb ik steeds uit het raam gekeken en goed opgelet en toen ik die ene grijze poes zag heb ik de overbuurvrouw maar gewaarschuwd en zij heeft hem toen binnengehaald en eten gegeven en toen kwam die andere witte poes er gelukkig ook weer aan!”

   Op dat moment stapt Akke achter haar rollator de woonkamer binnen, hoort waar wij het over hebben en vertelt hetzelfde verhaal nog eens in haar eigen woorden.

   Wanneer Akke in haar stoel voor het raam zit deelt Bennie de koffie uit. De cheesecake, die weer vele complimenten en loftuitingen uit de mond van Akke ontlokt, wordt in twee etappes opgegeten.

   Aan de koffie nippend vertelt Akke dat ze de vorige dag bezoek hebben gehad van Arend en Betty uit Franeker. Arend is de kleinzoon van de ‘oom en tante’ waar Bennie tijdens de oorlog ondergedoken heeft gezeten, en hij komt nog regelmatig even met zijn vrouw Betty op bezoek.

   Akke vertelt uitgebreid over de hersenschudding die Arend onlangs heeft gehad doordat hij ’s nachts in het donker in huis was gestruikeld en met zijn hoofd tegen de verwarming was gevallen waardoor een ader was open geknapt en het bloed niet te stelpen was geweest. Arend was met de ambulance naar het ziekenhuis afgevoerd en zijn vrouw Betty had alle bebloede kleding en lakens maar gewoon weggegooid en nou moeten ze ook nog een nieuw bed.

   “Het is toch verschrikkelijk” zegt Akke onthutst, maar ze zijn heel blij dat het met Arend weer goed gaat.

   Dan vertelt Akke dat “die mevrouw die vorig jaar die foto van onze poes had gemaakt, je weet wel die vrouw die in die zijstraat tegenover jou woont” gisteren zomaar een bosje bloemen kwam brengen bij Akke en Bennie.

   “Nee, dat was zaterdag!” zegt Bennie.

   “Och was dat zaterdag alweer?” zegt Akke, “Nou haal ik alle dagen door elkaar!”

Akke zegt dat ze het zo ontzettend aardig van die mevrouw vindt dat ze zomaar een bosje bloemen van haar krijgen, ook al konden ze er eerst niet een passende vaas voor vinden, maar dat euvel lijken ze te hebben opgelost want het bosje bloemen staat nu toch op tafel te prijken, naast een andere bos bloemen die ze weer van iemand anders gekregen hebben.

   “Wist jij trouwens wel dat die mevrouw ook Joods is?” vraagt Akke aan mij. “Ze heeft een Joodse moeder en een niet-Joodse vader, en ze werkt ook bij de Joodse raad, daar doet ze dingen voor.”

   En zo stapt ze naadloos over naar het volgende onderwerp; de Leeuwarder Jood Ben Troostwijk. Vroeger was Akke een keer met een vriendin op vakantie naar Ameland, waar ze logeerden in hotel Exelsior. Dat hotel bestaat inmiddels niet meer, maar destijds logeerden daar ook nog andere jongelui, waaronder Ben Troostwijk. Akke heeft een foto waarop het groepje jonge vakantiegangers voor het hotel staat. Ook Ben Troostwijk staat ertussen. Tijdens een eerder bezoek heeft Akke mij deze foto al eens laten zien. Toen Akke laatst een keer een artikel over Ben Troostwijk in de krant zag staan, bedacht ze dat hij het misschien wel leuk zou vinden om die foto te hebben. Omdat ze zijn adres niet had belde ze naar de Joodse Raad. Daar kreeg ze een vrouw aan de lijn die na een poosje praten in dezelfde straat bleek te wonen waar Akke vroeger ook gewoond heeft.

   “Dan bent ú die van groenteboer Visser. Daar woonde ik tegenover!” Weer een van die vele en kleine toevalligheden waar de wereld van Akke en Bennie bol van staat. Afijn, deze mevrouw gaf Akke het adres van de heer Troostwijk. Bennie maakte een kopie van de foto, stopte het in een envelop en stuurde het op.

   “Word je niet gek van al onze verhalen?” vraagt Akke lichtelijk bezorgd, “Je kunt er wel helemaal gek van worden!”

   “We zitten hier barstensvol verhalen” beaamt Bennie, die met een krantenartikel komt aanschuifelen dat hij zojuist ergens uit een laatje heeft gevist.

   “Kijk, dit is ook weer zo’n toevalligheidje”, vervolgt hij, en laat mij het krantenartikel zien. Er staat een grote foto op van een man die met een brede grijns wijst naar een kleine kudde schapen op de achtergrond. “Dat is de broer van de man waar wij vroeger altijd onze caravan in de winterstalling hadden,” legt Bennie uit, en hij vertelt dat deze in Amerika wonende man nu een realityserie heeft op NGC; ‘The incredible dr. Pol”. Akke en Bennie hebben deze man twee keer ontmoet. De eerste keer op het zoveel-jarig-huwelijksfeest van de man waar ze hun caravan stalden en diens vrouw, en de tweede keer bij de begrafenis van deze vrouw.  “En nu zien we hem hier in de krant staan. Da’s toch ook toevallig!”

   Ik schrijf alles op. Dan zegt Akke opeens: “Je moet er ook in zetten dat het zo snel is gegaan, mijn leven…”

   Ze vertelt dat ze niet alleen puzzelt omdat ze het zo leuk vindt om te doen, maar ook omdat ze haar hersenen wil blijven trainen, zodat ze wel een beetje helder blijft.

   “Om die reden kijken we ook altijd naar ‘De Slimste Mens’”, zegt Bennie, “en dan doe we zelf ook mee, om ons geheugen te trainen.” En dan worden de kandidaten besproken die meedoen en wordt er commentaar geleverd op Maarten van Rossum, de ‘sidekick’ van dit programma, die zelf ook altijd commentaar levert op van alles en nog wat.

   “Die zuurpruum,” zegt Akke, “Hij kan het mooi vertellen. En hij weet heel veel. Hij neemt geen blad voor de mond. Maar hij zegt het wel heel goed hoor. Ja, laat hem maar lopen!”

   Bennie vindt het ‘heel irriterend’ dat ze steeds meer vergeten.

   Voortbordurend op wat er allemaal verandert als je ouder wordt vertelt Akke dat ze vroeger heel veel heeft gebreid; truien voor haar kleinzoons met allerhande motieven erop. “En als er iets kapot ging, dan gingen we het stoppen met naald en draad.” Want meteen door iets nieuws vervangen dat deed je vroeger niet, zegt Akke, dat was te duur.

   Opeens wordt er overgestapt op een ander onderwerp. Onlangs hebben ze een offerte laten maken voor het plaatsen van een nieuwe tuindeur. Dat moet ruim 700 euro gaan kosten. “Maar nu krijgen we 800 euro terug van de belasting, dus kost die deur ons niks,” zegt Akke triomfantelijk! Volgens Bennie ligt dat iets genuanceerder, en hij laat mij de papieren zien van de belastingdienst over de zorgtoeslag, die zij alsnog krijgen nadat ze eerst bericht hadden gehad dat ze niets zouden krijgen.

   “Maakt niet uit hoe het zit. We krijgen het!” zegt Akke resoluut. “En we hebben ook nog steeds geen rekening gehad voor de huishoudelijke hulp,” vervolgt ze verontwaardigd. Ook hierbij geeft Bennie weer enige nadere uitleg: omdat per 1 januari het bieden van huishoudelijke hulp is overgegaan naar de gemeente hadden Akke en Bennie bericht gekregen dat er iemand langs zou komen voor een ‘tafelgesprek’, om te beoordelen of zij nog steeds in aanmerking komen voor huishoudelijke hulp. Dit gesprek zou plaatsvinden van 12.00 tot 13.00 uur. Op de bewuste dag belde de dame van de gemeente stipt om 12.00 uur aan. Bij binnenkomst zag zij meteen de traplift in de hal, die Akke nodig heeft om naar boven te kunnen komen. Toen ze de woonkamer in stapte zag ze daar meteen de rollator staan waarmee Akke zich in huis voortbeweegt. En ze was nog geen kwartier binnen of ‘Tafeltje Dek Je’ kwam langs om het eten voor Akke en Bennie te brengen. Bewijs genoeg voor de hulpbehoevendheid van Akke en Bennie. Tijdens het tafelgesprek raakten ze met elkaar aan de praat. Zo kwamen Akke en Bennie erachter waar deze mevrouw van de gemeente woont en dat ze een Griekse man heeft. Allemaal reuze interessant. En het werd zó gezellig dat de mevrouw pas om 14.30 uur door Bennie werd uitgelaten. Zo vergaat het iedereen die bij Akke en Bennie over de vloer komt.

   En nu is hun recht op huishoudelijke hulp dus verlengd tot 1 oktober 2018. Maar een rekening hebben ze nog niet.

Terwijl Bennie van zijn stoel opstaat en naar het bureau loopt vertelt Akke dat zij haar ouders vroeger altijd ‘heit en mem’ noemde, en dat Bennie zijn ouders altijd met ‘pa en ma’ aansprak. Akke, afkomstig uit een fries dorp, is groot geworden met de echte friese taal. Bij Bennie – een geboren en getogen Leeuwardenaar – werd vroeger thuis geen Fries gesproken. “In Leeuwarden spreken ze ‘stadsfries’” zegt Bennie.

   Akke is haar ouders altijd ‘heit en mem’ blijven noemen. Zelfs de middelste broer van Akke, Koos, die na aanvankelijke afwijzingen op sollicitaties vanwege zijn astma uiteindelijk werd aangenomen als ‘opmaak-redacteur’ bij Het Vrije Volk, De Arbeiderspers in Amsterdam en zich daar toen vestigde, is ondanks dat hij geen Fries meer sprak altijd ‘mem’ tegen zijn moeder blijven zeggen.

  

Dan roept Bennie mij bij zijn bureau. Hij heeft zijn laptop open geklapt en wijst naar het startscherm. “Kijk, dat ben ik in mijn nieuwe bolide,” zegt hij met twinkelogen. Ik zie een foto van een cabriolet met het dak open en Bennie achter het stuur. Ik moet lachen bij het zien van de kleine, bejaarde Bennie achter het stuur van deze grote, moderne auto. Bennie lacht hartelijk mee. Het is de nieuwe auto van zijn zoon, legt hij uit. En nu we toch bij de laptop staan laat hij mij meteen ook de webcam zien van ‘’t Tresoar’, waarop live beelden te zien zijn van de Oldehove en het Oldehoofster Kerkhof. Met een kromme vinger wijst hij mij de plek aan waar zijn geboortehuis heeft gestaan, en waar nu het nieuwe gemeentehuis staat. “Iedere dag moet ik even op de webcam kijken hoe het bij de Oldehove is,” zegt Bennie…

  

Ik ga weer op de bank zitten bij Akke. Uit een lade van een kastje naast haar stoel pakt zij een boekje. “Onze Joke kan ook zo mooi schrijven,” zegt Akke trots. “Wil je wel wat horen?” Als ik bevestigend knik slaat ze het boekje open en begint hardop te lezen. Wanneer de kleine klok aan de muur 12 uur slaat wacht ze even. Ik hoor Bennie scharrelen in de keuken. Akke leest enkele verhaaltjes voor die haar dochter heeft geschreven nadat er een nier bij haar was weggenomen. Akke heeft al deze verhaaltjes met de hand overgeschreven in een mooi, klein blanco boekje met bloementekeningen erin.

   Bennie komt er weer bij zitten en lijkt wat afwezig te staren naar de achterkamer. Langzaam maak ik aanstalten om weg te gaan. De huishoudelijke hulp komt vanmiddag, en de bedoeling is dat zij de gordijnen gaat wassen.

   “Mooie gordijnen hebben wij hè?” vraagt Akke terwijl ze met haar hand over de gordijnen naast haar strijkt.

   “ ’in-between’ gordijnen”, legt Bennie grijnzend uit, duidend op het feit dat de gordijnen te dik zijn om vitrage te heten, en te dun om overgordijnen te zijn.

  

Morgen komt hun kleinzoon op bezoek met zijn vriendin en hun twee kinderen; de achterkleindochters van Akke en Bennie. Akke verheugt zich bijzonder op dit bezoek, want morgen geven ze hun jongste achterkleindochter een geldbedrag dat zij voor haar hebben gespaard. Dat hebben ze voor alle kleinkinderen gedaan wanneer zij een bepaalde leeftijd bereikten, en nu zijn hun achterkleinkinderen aan de beurt. “Ik ben zo benieuwd hoe ze reageert en of ze het wel snapt,” zegt Akke verheugd.

   Akke en Bennie wachten nu op de geboorte van hun derde achterkleinkind, het eerste kind van hun ándere kleinzoon, dat elk moment kan komen. “Ja, en dan gaan we ook weer voor dit kind sparen,” kondigt Akke aan. “Leuk hè?”, zegt ze blij, “Ik vind het zó leuk om te geven aan anderen!”

 

Ik sta op en schud Akke de hand. Bennie is ook opgestaan om mij weer hoffelijk uit te laten. We staan nog weer even voor het raam. Nadat ik heb gevraagd van wie die auto is die voor het huis van de overburen staat die op vakantie zijn krijg ik uitgebreid en gedetailleerd antwoord: “……… en die is nu van die zoon maar die is nu een paar dagen naar Parijs en komt vandaag met de Thalys terug en rijdt dan vanaf Amsterdam waar de auto staat bij………….”

 

Met een glimlach om mijn lippen loop ik weer naar huis.

Please reload

Recente berichten

March 12, 2016

Please reload

Archief
Please reload

Zoek op trefwoorden
Please reload

Lambeek tekst & vorm | Sylvia Lambeek | Groningen | 06 - 235 172 87

Bijgewerkt op 3 oktober 2019